Hond

Sterilisatie bij de teef (ook wel Ovario(hyster)ectomie)
Bij deze buikoperatie worden bij een teef beide eierstokken en (een deel van) de baarmoeder verwijderd. (eigenlijk moet je dus spreken van een castratie, het verwijderen van de geslachtsklieren) Als U uw teefje geen nestje wilt laten krijgen dan is sterilisatie aan te raden. De voordelen zijn: geen loopsheid meer, geen schijnzwangerschap, en geen baarmoeder- ontsteking op oudere leeftijd. Bovendien blijkt de kans op goedaardige tumoren in de melkklieren kleiner te worden als teven op jonge leeftijd worden gesteriliseerd. Ook blijkt dat door sterilisatie de kans op het krijgen van diabetes (suikerziekte) wordt verkleind.

Nadelen kunnen zijn: er bestaat een kans op overgewicht (U kunt uw hond na een sterilisatie zo’n 25-30% minder eten geven) en bij Setters en Tackels kan de vachtstructuur veranderen. Ook kan een gesteriliseerde teef op oudere leeftijd soms urineverlies gaan vertonen (incontinentie) door het verslappen van de blaas-sluitspier. Dit speelt vooral bij rassen met een gecoupeerde staart. Gelukkig zijn er goede medicijnen tegen dit urineverlies. De operatie wordt tegenwoordig bij voorkeur uitgevoerd voordat een teefje volgroeid is (vanaf de leeftijd van 6 maanden). Meestal heeft zij dan nog geen eerste loopsheid meegemaakt, waarmee de kans op het ontstaan van gezwellen in de melkklieren zo klein mogelijk wordt gehouden. Is de teef ouder, dan kan, in verband met de doorbloeding van de baarmoeder, de operatie het beste plaatsvinden tussen twee loopsheden in (dus ca. 3 maanden na de loopsheid) Sinds enige tijd adviseert de Faculteit Diergeneeskunde in Utrecht om bij de grote rassen met de ingreep juist weer te wachten tot ze uitgegroeid zijn, maw in de regel tot NA de eerste loopsheid. De ingreep kan in onze praktijk ook laparoscopisch (‘kijkoperatie’)worden uitgevoerd. Daarvoor kunnen we een specialist chirurgie, Klaas Vos, naar onze praktijk laten komen. Hij heeft de apparatuur èn de ervaring om de operatie uit te voeren. Uiteraard zijn de kosten van een laparoscopische ingreep hoger dan van een normale sterilisatie.

Castratie van de reu
Anders dan bij de teef zijn er geen gezondheidsproblemen te verwachten als je een reu niet castreert. Als hiertoe besloten wordt, gebeurt dat meestal om één van de volgende redenen: agressie tegen andere reuen, weglopen (achter loopse teven aan), overmatig rijgedrag of pootje optillen, of telkens terugkerende voorhuid- of prostaatontsteking.

Ook bij reuen geldt dat ze met minder eten toe kunnen na een castratie. Het rantsoen niet verlagen betekent dus meestal dat een reu dikker wordt na een castratie! De ingreep kan op ieder moment plaatsvinden en is minder ingrijpend dan bij de teef. De testikels bevinden zich n.l. aan de buitenzijde van het lichaam, de buikholte hoeft dus voor een castratie niet geopend te worden.

Nieuws

Waarschuwing vanuit de Faculteit Diergeneeskunde

Een waarschuwing vanuit de Faculteit Diergeneeskunde ! Wees voorzichtig met [...]

Praktijknummer 020-6475000

Week van de Teek van start…………

Op 3 april start De Week van de Teek. Tijdens [...]